Wie is Tim?

‘Er zitten nogal wat gedragsproblemen in die groep’, hoor ik ouders zeggen die over de klas van hun kind praten. Hoor ik leerkrachten zeggen die hun groep omschrijven.
Zomaar wat ik opvang als ik in een school ben…

Het typeert hoe in onze samenleving naar gedrag wordt gekeken, hoe het wordt gelabeld en hoe kinderen al snel in hokjes worden geplaatst. We kijken naar wat zichtbaar is; naar wat we zien en horen.

Voorbij de diagnose

Ik heb het over diagnoses in de breedste zin van het woord. Dus niet alleen over diagnoses zoals autisme of ADHD, zoals we die kennen en die door deskundigen worden vastgesteld. Maar ook over etiketjes die in het dagelijks leven al heel snel op kinderen worden geplakt, op school, kinderdagverblijven of door ouders. Zoals: ‘dat is een driftkikkertje’, ‘die is snel op haar teentjes getrapt’, ‘dat is een felle tante’…. Maar ook: ‘die is verlegen’, ‘dat is een angsthaas’…

Zelf heb ik in mijn leven al heel wat etiketjes opgeplakt gekregen: een huilbaby, een driftige peuter, een perfectionistische kleuter, ‘het zonnetje in de klas’ als lagere schoolkind, een voorbeeldige middelbare school-jongere en een volhardende student.

Welke etiketjes heb jij opgeplakt gekregen als kind?

En welke etiketjes heeft jouw kind?
Misschien door jou op je kind geplakt, misschien door school of door de omgeving.

Het etiketje is niet wie je kind is

Een kind is niet zijn etiketje. Een kind is geen huilbaby, is geen driftige peuter, is geen perfectionistische kleuter… Een kind is veel meer dan dat.

Een baby die vaak huilt, maar ook een baby die graag geknuffeld wordt, die goed drinkt, die jouw liefdevolle aandacht beantwoordt met een glimlach.
Een peuter die regelmatig (of misschien zelfs vaak) driftbuien heeft, maar ook een peuter die een eigen willetje ontwikkelt, die jouw hart doet smelten met zijn stevige omhelzing en knuffels vol met snottebellen.
Een kleuter die regelmatig boos wordt omdat het niet lukt, maar die het graag heel goed wil doen, die zijn kleine zusje overlaadt met knuffels en graag met je wil spelen als je na een dag werken thuiskomt.

Een diagnose of etiketje is nooit een verklaring

Autisme, ADHD, maar ook driftig, perfectionisme, boosheid of opstandigheid, of welke diagnose of etiketje dan ook, is geen verklaring voor het gedrag dat een kind laat zien.
Kinderen, én de context waarin zij zich ontwikkelen en opgroeien, zijn veel te ingewikkeld om te vatten in een label. Er spelen heel veel factoren een rol, zoals structuur in het dagprogramma, de manier waarop de opvoeder reageert op het gedrag van het kind, hechting en veiligheid in relaties die het kind heeft met zijn opvoeders. Maar ook in hoeverre het gedrag van het kind functioneel is voor het kind zelf. Met andere woorden: in hoeverre is het gedrag voor het kind een manier om te kunnen omgaan met wat lastig voor hem is. Zoals bij Tim…

Tim, een jongetje met labels

Ik herinner me Tim, een jongetje (8 jaar) dat op school altijd de clown uithing. Hij was nadrukkelijk aanwezig in de klas door luid te praten, grappen te maken, gekke bekken te trekken en te roepen. Hij was druk en beweeglijk, zat meer achterstevoren op zijn stoel dan rechtop aan zijn tafeltje en had een zeer korte spanningsboog. Als er over Tim werd gesproken, hoorde je: ‘dat is wel een drukke hè’ of ‘poeh, daar heb je je handen vol aan’.
Tim kwam al vrij snel in de molen van diagnostiek en behandeling terecht en kreeg al vroeg de diagnose: ADHD.
Misschien onterecht omdat alleen werd gekeken naar de gedragskenmerken. Maar niet naar de verklaring van zijn drukke en clowneske gedrag. School en ouders dachten hiermee eindelijk te weten wat er met Tim aan de hand was: ‘Tim is druk, kan zich niet concentreren, dat komt door ADHD’.

Maar nog steeds wisten school en ouders de antwoorden op de belangrijkste vragen niet: Waarom doet Tim druk? Waarom hangt Tim de clown uit? Waarom vindt dat lijfje van Tim geen rust? Waarom lukt het bij gym en creatieve vakken wel om zich te concentreren en bij de leervakken niet? Waarom gaat het thuis beter op de dagen dat mama thuis is dan op de dagen dat mama werkt?

Het label bracht nog steeds geen antwoorden op deze vragen. Op vragen die proberen te verklaren waarom Tim zo druk is en storend gedrag vertoont in de klas.

We zijn vaak alleen maar aan het beschrijven wat we zien, zonder te verklaren wat er onder zit.
Bijvoorbeeld: ‘Oh, die kan niet zo snel schakelen; dat komt doordat hij autisme heeft’ Of:
‘Ze wordt zo gauw boos als er iets mis gaat, dat komt doordat zij perfectionistisch is’. Of: ‘Hij kan geen minuut stilzitten, dat komt doordat hij zo druk is’.

Gedrag heeft een signaalfunctie. Het laat zien dat er onderliggend, vaak onzichtbaar, iets speelt waarmee een kind het lastig heeft. De ‘waarom’-vragen, zoals in de situatie van Tim, zijn daarom heel belangrijk om te kunnen begrijpen waar het gedrag vandaan komt. Zodat we kinderen beter kunnen helpen met hetgeen voor hen lastig is.

Daarmee wil ik zeker niet zeggen dat labels (zoals officiële diagnoses) niet zinvol kunnen zijn. Labels moeten vooral de functie hebben om te weten in welke hoek de problemen van een kind kunnen zitten. En alleen het label is niet voldoende. Het is nodig om breder te kijken, om te weten welke hulp of ondersteuning een kind nodig heeft. En dit geldt natuurlijk niet alleen voor kinderen, maar ook voor volwassenen. Voor ieder mens dus.

Hoe het afliep met Tim?

Toen Tim in de volgende groep terecht kwam, bij een andere leerkracht, werd het clowneske en drukke gedrag geleidelijk aan minder. Gaandeweg werden antwoorden gevonden op de vragen naar een verklaring van het gedrag. Tim trof een leerkracht die ‘streng maar rechtvaardig was’, die duidelijk was en veel structuur aanbracht in haar lessen. Tegelijk gaf ze veel keuzevrijheid aan hem en ging ze vaak in gesprek met Tim en zijn ouders om zo goed mogelijk af te stemmen op wat Tim nodig had. Parallel daaraan vonden ouders ook manieren om tegemoet te komen aan de behoeften van Tim, waardoor er ook meer rust in huis kwam.

Misschien kan Tim nu zeggen: ‘Ik bén Tim en ik héb ADHD. Ik vind het moeilijk om stil te zitten, om stil te zijn, en om me te concentreren op mijn taak. Wat voor mij goed werkt is duidelijkheid en structuur, iemand die me begrijpt en me helpt opstarten met mijn taken, ruimte om te bewegen en creatief bezig zijn’

Door te focussen op gedrag, krijgen kinderen vaak onterecht al vroeg diagnoses of labels. Kinderen zijn niet hun label, ze laten bepaald gedrag zien wat hun behoeften kenmerkt.
Als we zo naar kinderen kunnen kijken, is er al heel veel gewonnen.

Met warme groet,
Carla

Lees meer

Mag het ietsje trager?

Mag het ietsje trager?

De snelheid waarmee we leven, is voor ons als mens vaak veel te snel. Laat staan voor jonge kinderen. De hersengolven van jonge kinderen gaan een stuk trager dan die van volwassenen. Ons hoge leeftempo staat in schril contrast met dat van hen. Jonge kinderen zijn...

Lees meer
Wanneer ‘moeten’ zegeviert

Wanneer ‘moeten’ zegeviert

Zeg eens eerlijk, hoe vaak zeg jij het woordje ‘moeten’ per dag? Ik durf te wedden dat je dat zelf niet eens weet. Het zit namelijk zo ingebakken in onze taal en onze mindset, dat we het niet eens opmerken.Het woord ‘moeten’ zit vooral verweven in hoe we naar onszelf...

Lees meer
Luister je wel naar mij

Luister je wel naar mij

“Ze luisteren voor geen meter!” Een van de meest gehoorde uitspraken in de vele jaren dat ik met ouders en opvoeders werk. Niet alleen een veelvuldig uitgesproken ‘klacht’ van ouders, maar ook van professionals die met kinderen werken, zoals leerkrachten en...

Lees meer